woensdag 30 oktober 2013

Tatataaa

De ochtendstond heeft goud in de mond. Dat heb ik altijd al gevonden. En sinds Emil er is nog véél meer dan vroeger...


Toen ik vanochtend in de badkamer stond (noot aan de lezer: dat kan een tijdje duren bij mij, please ask no further) hoorde ik hem zachtjes wakker worden (zijn slaapkamer ligt naast onze badkamer dus ik hoor vandaar bij wijze van spreken elke scheet die hij laat). Ik hoorde hem babbelen tegen zijn knuffels. Van tatata en hahaha, lachen maar. Kraaien van plezier dat er weer een nieuwe dag is aangebroken. Ik zeg nu wel vanochtend, maar dit is eigenlijk een dagelijks scenario bij ons thuis.

Emil zit in zijn tatata-fase sedert een paar dagen. Dat ge-tatata, ik dacht vroeger dat dat gewoon een manier was om het gegeven “babytaal” te duiden. Omdat het kind een naam moet hebben en zo. Maar nu ondervind ik dus dat het wel degelijk dát is wat die kleine hummels uitkramen. TATATATAAAAA!!!! Zo luid mogelijk. En ik vind het zoooooo schattig.
In zijn beperkte taaltje lijkt hij nu al ingewikkelde conversaties te voeren met zijn bedgenoten de draak, het konijn, de uil, de octopus en de barbapapa (een lichtgevend exemplaar dat hem keer op keer doet schaterlachen). Zijn het zijn dromen die hij hen uitvoerig uit de doeken doet? Zijn plannen voor de komende dag met zijn vriendjes in de crèche? De sloeberstreken die hij gaat uithalen met zijn moeder? Ik weet het hoegenaamd niet. Maar dat hoeft ook niet. Want ik smelt van liefde en vertedering als ik hem bezig hoor.

Ik mag dan al graag vroeg opstaan, dat wil niet zeggen dat ik niet een beetje tijd nodig heb om goed wakker te worden. Met de tata wake-up calls van Emil en zijn ochtendlijke babbelmomentjes kan mijn dag pas écht goed beginnen. Niet om de melige toer op te gaan, maar ik zou het niet meer kunnen missen. Ik kan me al niet meer herinneren hoe het vroeger was, om op te staan zonder die lieve brabbelaar. (En binnenkort wellicht ook grote babbelaar, want als hij even veel en even luid gaat praten als hij nu van tata doet, én als hij een beetje mee heeft van zijn papa, dan zal het ferm de moeite zijn. Lees: dan gaat hij babbelen tegen nen hond met een strikske aan. Maar dat zien we dan wel weer.)
Als ik dan in zijn kamer kom, verschiet hij eerst een beetje omdat hij zo druk in een conversatie verwikkeld was met zijn bedgenootjes. En dan begint hij te lachen naar mij. En smelt ik opnieuw. Dan haal ik hem uit zijn slaapzak zodat hij lustig met zijn beentjes in het rond kan trappelen. En ik laat hem rechtstaan tegen de spijlen van zijn bedje omdat ik weet dat hij dat de max vindt. En als ik hem daar dan zo zie staan... Wel ja, dan smelt ik gewoon volledig weg:
 

En dan denk ik: mama zijn, dat het verdorie enorm plezant is.

Tata, Josie xo

P.S. Nu we toch over the joys of motherhood bezig zijn, hier nog een instagrammeke dat dat keihard bewijst. Het kind beschikt over bergen speelgoed, maar hetgeen waar hij het hardst om moet lachen zijn toch wel moeder haar sloefen in de vorm van koetjes:
 

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen